“Uit verveling ontstaan de mooiste ideeën”
8 min leestijd
Na twintig jaar is de alternatieve popband Daryll-Ann terug, in originele bezetting. Met hun nieuwe album Spring en een tournee langs 15 popzalen.
Of een theatertournee niet wat voor Daryll-Ann is, nu ze allemaal de 50 zijn gepasseerd? Anne Soldaat (zang, gitaar) trekt een vies gezicht. “Je bent wel lekker vroeg thuis, maar dat je geen druppel zweet op je rug hebt staan als je klaar bent, staat me niet aan.” Misschien komt die theatertournee ooit nog in de toekomst, maar nu heeft Anne juist zin om weer ouderwets te rocken. “Lekker zweten onder van die ouderwetse lampen die ze bijvoorbeeld nog hebben in het Burgerweeshuis in Deventer.” Jelle Paulusma (zang, gitaar, keyboards) knikt instemmend. “Tegenwoordig hebben ze overal van die ledlampen, daar ga je toch een stuk minder van zweten. Geef mij maar die oude lampen waardoor het superheet wordt op het podium, dat is lekker spelen.”
Bijna vanzelf
Ontspannen zitten ze samen op een halfvergane picknickbank in een groen stukje van Den Dolder. Iets verderop hebben ze even daarvoor met Coen Paulusma (zang), Jeroen Vos (basgitaar) en Jeroen Kleijn (drums) geoefend voor de tournee later dit jaar. Ook al zijn ze niet meer de jonge mannen uit de hoogtijdagen van Daryll-Ann in de jaren ‘90, er is weinig veranderd. De muzikale chemie is gebleven. Dat merkten ze al in 2014 toen de band even terugkwam voor een reünietournee en het werd in 2022 nog eens bevestigd toen ze samen optraden tijdens het 25-jarig jubileum van Excelsior Recordings in Paradiso. Jelle: “Na die show in Paradiso dachten we: dat was leuk, zullen we weer wat samen maken?”
Onverwacht einde
De vriendenband die eind jaren ‘80 in Ermelo ontstond, groeide halverwege de jaren 90 uit tot een van de meest geliefde gitaarpopbands van Nederland. Albums zoals Happy Traum, Weeps en Trailer Tales kregen lovende kritieken, maar groot commercieel succes bleef uit. “We waren toch een soort niche”, zegt Jelle. Tegelijk ontstond er in die jaren een groeiende groep liefhebbers die alles volgde van de band. “We merken nu dat heel veel mensen het fijn vinden dat er weer iets komt van ons. Dat is mooi.”
Over het einde van Daryll-Ann in 2004 doen veel verhalen de ronde. De band stopte toen halsoverkop, middenin een tournee. Het gonsde van de geruchten. Na een interview met de Leeuwarder Courant - waarin Soldaat liet weten ontevreden te zijn over de verhoudingen binnen de band – leek de boel te zijn geklapt.
Gevraagd naar het waarom van dat abrupte einde, blijven ze nu in Den Dolder vaag. “Pff, wat een moeilijke vraag”, reageert Anne, die de gebeurtenissen van destijds duidelijk als een gepasseerd station ziet. “Daar denk ik liever niet meer over na. Dat was niet mijn beste tijd.” Jelle knikt. “Nee, de mijne ook niet. Ik denk dat het gewoon op was. Op een gegeven moment is de koek op als je zo intensief samenspeelt en -werkt. We vonden het ook wel lekker om even onze eigen gang te gaan.”
Onbereikbaar
Anne maakte daarna onder meer werk met zijn band Do-The-Undo en onder zijn eigen naam, terwijl Jelle soloalbums maakte, zong in tributeband Her Majesty en componeerde voor campagnes en documentaires. In die jaren maakten ze regelmatig nummers waarvan ze dachten: dit zou goed bij Daryll-Ann passen. Wanneer ze uiteindelijk rond het jubileumfeest van Excelsior besloten samen weer wat op te nemen, ging dat als vanzelf. “Het enige verschil is dat we nu even kort onze kwaaltjes bespreken voordat we gaan spelen”, zegt Jelle grijnzend. Voor het album schreven ze los van elkaar nummers, grotendeels op dezelfde manier. Jelle: “Als ik schrijf, ben ik even helemaal onbereikbaar. Dan zit ik te pielen op mijn gitaar, zoekend naar het totale niets. Want ik weet dat vanuit verveling de mooiste ideeën ontstaan.”
Uitleggen hoe hij componeert, vindt Jelle lastig. “Joh, ik doe maar wat. Ik luister zelf gewoon of het goed klinkt. Soms speel ik met van die gasten die conservatorium hebben gedaan en dan in de studio zeggen: we gaan van de derde naar de vijfde trap. Dan heb ik dus geen flauw idee waar dat over gaat.”
Anne snapt wel dat het handig is om die kennis te hebben. “Zeker in de studio. Als je in een jazzcombo zit met twee wildvreemde muzikanten is het superhandig als je kunt zeggen: ‘we gaan van de derde naar de vijfde trap’.” Jelle kijkt verrast. “Maar weet jij dan wat ze bedoelen?” Anne grijnst. “Nee joh, daarom speel ik geen jazz.”
Dicht bij jezelf
Hoe iets moet gaan klinken, staat tijdens het schrijfproces helemaal open. Het doel is een mooi nummer schrijven, volgens Anne. “Een goed liedje blijft overeind in alle omstandigheden. Of je het nu met een filharmonisch orkest speelt of alleen op akoestische gitaar: dat moet niet uitmaken.”
Zelf zo’n nummer maken is niet iets wat je kunt uitdenken, volgens Jelle. Hij wil tijdens het schrijfproces zijn gevoel volgen. “Tegenwoordig hoor je in winkels allemaal van die Nederlandstalige muziek die precies hetzelfde klinkt. Daar snap ik niets van. Als het als muzikant lang wil volhouden, kun je beter nummers maken die dicht bij jezelf liggen. En ja, dan kan het zo zijn dat je dingen maakt die niemand wil horen. Maar ik geloof dat als je dat tien jaar blijft volhouden, je uiteindelijk een publiek vindt.”
Relaxter
Op het nieuwe album Spring - uit op 13 september - hoor je die eigenzinnigheid en de gave van beide frontmannen om ijzersterke popliedjes te schrijven. Ze klinken fris, energiek en tegelijk onmiskenbaar als Daryll-Ann door de vele koortjes, melancholische momenten en hier en daar een scheurende gitaar. “Het is een psychedelisch plaatje geworden”, vindt Jelle. “Een snoeptrommel met verschillende smaakjes en kleuren. Geen idee wat mensen ervan gaan vinden.”
Anne is ergens bang dat luisteraars het nieuwe album vooral zullen vergelijken met eerder werk. “Dat mensen zeggen: ja, het is wel mooi, maar het is geen Weeps. Aan de andere kant: als dat gebeurt, moeten we er maar mee leven. Wij hebben in elk geval iets gemaakt wat we mooi vinden. En al hopen we natuurlijk dat veel mensen gaan luisteren en naar de shows komen, de druk is minder hoog dan in de jaren ‘90. Toen was het de vraag of we ooit konden gaan leven van de muziek. Nu doen we dat al heel lang. We zijn relaxter geworden.”