Harry Muskee nog springlevend in C+B Museum
Hoe gaan wij in Nederland om met ons muzikaal erfgoed? Sena Magazine gaat op zoek naar plekken waar de nationale muziekhistorie wordt gekoesterd. Zoals in het C+B Museum in blues village Grolloo, op het Drentse platteland.
Gekweld door liefdesverdriet vluchtte Assenaar Harry ‘Cuby’ Muskee in 1965 naar het rustieke Grolloo. Hij betrok er een boerderij waarover de wildste verhalen de ronde deden. Verhalen over harde muziek, seks, drank, drugs en vrouwen.
Met zijn, met meestergitarist Eelco Gelling opgerichte, Cuby & The Blizzards beleefde hij er zeven vruchtbare jaren. Er werden klassiekers geboren als Window Of My Eyes en Appleknockers Flophouse en de lp Groeten Uit Grollo (met één o).
“Je zit boven nu warm en droog, maar in de Cuby-tijd woei de wind letterlijk door het dak”, vertelt conservator Sjoerd Looijenga. “Wel goed voor de blues ja, die ellende. Beneden had je de stallen en het bewoonde voorhuis waar werd gerepeteerd. De jongens zaten op blokken hout, bij gebrek aan stoelen. Als het te koud werd, gingen ze naar café Hofsteenge. Het was ook de periode van de jonge pianist Herman Brood, een bezienswaardigheid in het dorp.”
Laatstgenoemde staat naast Muskee op een wandvullende foto. Op de tussenvloer daarboven is de complete backline uitgestald van Muskees laatste optreden op 11 juni 2011, in Grolloo.
Het hele concert blijkt bewaard gebleven, dankzij een alerte technicus. “Beeld en geluid. Een mooie registratie die we aan het restaureren zijn. Een optreden met blazerssectie en Erwin Java en Daniël Lohues als gastmuzikanten. Drie maanden later is Harry overleden.”
Eerder dat jaar richtten fans een stichting op die het C+B Museum in de oude boerderij opzette. “Bij de opening dacht men: hoe lang blijft dit interessant voor het publiek?”, vervolgt Looijenga. “Het wordt steeds drukker, blijkbaar is het nog steeds interessant.”
Bezoekers kunnen gebruikmaken van een audiotour met Muskee als gids. Aan de hand van oude uitspraken en interviewfragmenten leidt hij de mensen ‘persoonlijk’ door de expeditie.
Aanvankelijk had de zanger zijn bedenkingen. Het museum moest nieuwe generaties inspireren om zelf bluesmuziek te maken, vond hij, niet alleen oude verhalen oprakelen. Die missie wordt momenteel vervuld in de thema-expositie Legacy Leeft, met aandacht voor coverbands als Grollo en Electric Blues en artiesten als Ralph de Jongh en DeWolff, die voortborduren op de stijl van Cuby.
“Laatst stond hier de 14-jarige bluesgitarist Luca Holkenborg in café Hofsteenge. Jongeren ontdekken de muziek in de platenkast van pa of opa. Dan komen ze hier met drie generaties tegelijk kijken wie die Cuby en zijn Blizzards eigenlijk waren. Er worden ook twintigers ‘Vriend van het Museum’.”
Er komen nog altijd spullen binnen. “Vanuit de familie hebben we alles veiliggesteld wat er nog was. Zoals zijn eerste handgeschreven briefjes van school. Kinderfoto’s uit Rotterdam, waar hij de oorlog doorbracht. Harry onder de wapens, als rechtgeaard pacifist. Ook fans hebben nog veel materiaal. Je merkt dat die mensen zo langzaamaan ‘oet de tied kommen’, zoals ze in Drenthe zeggen. We krijgen nog steeds overal vandaan posters, affiches, programmaboekjes, kledingstukken. Van Harry’s hoeden hebben we ook een hele reeks.”
Een vitrine is gevuld met spullen die bij zijn graf zijn gevonden, talloze briefjes. “Rond zijn overlijdensdatum leggen mensen van alles op zijn graf. Als je boven op zolder zijn circle of life volgt, merk je hoe Harry tegen zijn einde langzaam aftakelt. Je hoort hem eigenlijk afscheid nemen, bezoekers komen vaak aangedaan weer naar beneden.”
Bijzonder is de wand met ‘het verhaal van Praag’, december 1968, het jaar van de Praagse lente. De groep kreeg een uitnodiging van de staat voor het Československé beatový festival. “Eelco Gelling maakte zoveel indruk, dat er aan het conservatorium een opleiding naar hem is vernoemd. Zoiets verdient hij in Nederland eigenlijk ook. Fantástische gitarist.”
Op weg naar het ‘bluesbioscoopje’ (acht stoelen) in het authentiek ingerichte voorhuis lopen we langs een Edison-beeldje. Looijenga: “Die kregen ze voor Desolation, de debuut-lp. Ze werden door Wim Sonneveld toegesproken op een manier waar het dédain voor ‘die boeren uit het oosten van het land’ van afdroop. Dat moet je niet doen bij Harry, dus die was heel kortaf. Harry stond voor de trots van de plattelandsjongeren en de plattelandscultuur. Dat Drenthe zo belangrijk was voor de bluesmuziek dankzij Harry, daar zijn ook niet-bluesliefhebbers uit Drenthe trots op.”
C+B Museum, Voorstreek 4, Grolloo