Ga naar de hoofdinhoud.
Sena Magazine

Grote stappen met bescheiden subsidie

Met ‘niet lullen maar poetsen’ houdt Conrad van Alphen al bijna 25 jaar het kamerorkest Sinfonia Rotterdam draaiend. Maar het blijft vechten.

Door: Guido van Oorschot
Foto's: Marco Borggreve
Geplaatst: 1 mei 2024

 “Het begon in 2000 met idealisme”, zegt de dirigent Conrad van Alphen (61). “Het verbaasde me dat een wereldstad als Rotterdam geen zelfstandig, professioneel kamerorkest had. Dus toen heb ik de stoute schoenen maar aangetrokken en Sinfonia Rotterdam opgericht. De eerste hobbels nam ik dankzij spaargeld van mijn ouders. Dat was niet veel, maar net genoeg voor de zaalhuur en andere onkosten. Veel mensen verklaarden me voor gek, want in die tijd werd op orkesten juist bezuinigd.”

Natuurlijk waren er momenten waarop hij dacht: gaat dit wel lukken? Zo duurde het vijf jaar voordat de gemeente Rotterdam besloot tot een bescheiden subsidie. En in de rest van Nederland keken concertzalen de kat uit de boom. Sinfonia Rotterdam moest eerst maar eens bewijzen dat het de moeite waard was. “Gelukkig hadden we van ons eerste concert een opname gemaakt. Met die cd ben ik naar Kees Vlaardingerbroek gestapt, programmeur van de Rotterdamse concertzaal de Doelen. Hij vond het hartstikke mooi, vooral de warme strijkersklank. Hij zei: ik geef jullie een kans in het volgende seizoen. Met die toezegging wapperde ik natuurlijk bij andere zalen en vanaf toen ging het lopen.”

Inmiddels krijgt Sinfonia Rotterdam van de gemeente ruim een half miljoen euro per jaar. Dat lijkt misschien veel, maar een beetje symfonieorkest draait op het twintigvoudige. “Gelukkig hebben we ook sponsors”, zegt Van Alphen. “En ik netwerk het hele jaar door voor onze business club. Daarin zitten onder meer ondernemers met bedrijven die zijn gerelateerd aan de haven. We hebben ook goede contacten met de Stichting Droom en Daad. Dankzij hen halen we wereldsterren naar Rotterdam.”

Zo lokte het orkest de beroemde Russische violist Maxim Vengerovnaar de Doelen. En in april is er een Rachmaninov Festival met de niet minder vermaarde pianist Mikhail Pletnev. Hoe Van Alphen dat flikt? “Ik dirigeer vaak orkesten in het buitenland. En als het klikt met een solist, nodig ik hem of haar uit. De cellist Mischa Maisky staat op de rol. En ik verheug me enorm op de zangeres Pretty Yende. Net als ik heeft ze haar wortels in Zuid-Afrika.”

Maar niet alles is halleluja. “Vroeger speelden we tot wel 30 concerten per seizoen buiten Rotterdam. Om twee redenen lukt dat niet meer. Concertzalen hebben minder geld om te programmeren. Leuk als je komt, horen we dan, maar we kunnen maar de helft betalen. Bovendien geldt tegenwoordig de Fair Practice Code. We betalen een hoger honorarium aan onze musici, en terecht. Om die landelijke dekking terug te krijgen, hebben we net een aanvraag ingediend bij het Fonds Podiumkunsten.”

Netwerken, leuren: Conrad van Alphen gedijt erbij. “Ik merk dat mijn ondernemende verhaal enorm aanspreekt. De enige tip die ik kan geven is een cliché: volg je droom en geef nooit op. En bedenk dat het keihard werken blijft. Altijd.”

Deel dit artikel


Meer interessante artikelen