Creatief met Passie
4 min leestijd
Tegen Pasen puilen Nederlandse kerken en concertzalen steevast uit. Reden is de Matthäus-Passion van Johann Sebastian Bach. Maar hoe houd je dat stuk na bijna 300 jaar fris en fruitig?
"Kom, krakend kruis." Wie de erotische reputatie kent van Jan Rot, door de zanger zelf met smaak beschreven, kijkt van zo’n zinnetje niet op. Maar in 2006 was het toch even wennen, toen het zomaar opdook in een klassiek meesterwerk: de Matthäus-Passion van Johann Sebastian Bach. "Kom, krakend kruis", dichtte Jan Rot, "laat ons je dragen / want Jezus droeg je al veel te lang."
Menig Bach-fan struikelde over Rots hertaling. Ook gelovigen joeg hij op de kast. Maar feit is dat Rot op zijn manier aanhaakte bij een lange traditie van vernieuwing. Na de première in 1727 raakte de Matthäus aanvankelijk in de versukkeling. De comeback begon in 1829 in Berlijn, toen de 20-jarige componist Felix Mendelssohn er het stof afblies. Sindsdien plooit elke tijd de Matthäus naar zijn eigen wensen. Nederland haakte laat aan, pas in 1870. Maar sindsdien bloeit er een Matthäus-cultuur zonder weerga.
Wat er met de muziek rond Jezus’ kruisdood al niet is uitgehaald. Er bestaan remixen door dj’s en vj’s. Er zijn versies met toneelspel en dans. Er is een tango-Matthäus, maar ook een scratch-Matthäus. Die trok in 2023 de Rotterdamse wijken in, van Centraal Station tot gevangenis en ziekenhuis. De initiatiefnemer, koordirigent Maria van Nieukerken, prees Bachs passie destijds krachtig aan: “Het is een waanzinnig stuk, mensen moeten tenminste weten dat het bestáát.”
Nog zo’n verjongingskuur: de meezing-Matthäus. Sinds de eerste keer, in 1998, hoeft het publiek niet meer urenlang stil te luisteren. Je mag meedoen! Lekker kwelen in dat overbekende koorstuk O, Haupt Voll Blut Und Wunden. Of samen met de solist losgaan op de beroemde aria Erbarme Dich. In de eerste coronalente, in 2020, toen iedereen gedwongen thuiszat, bleek het fenomeen inmiddels diep geworteld. Iedereen kon inloggen op De Digitale Meezing-Matthäus.
Ook vanuit de mainstreamcultuur lopen er lijntjes naar de Matthäus. Wie niet gelooft, of wie nooit naar klassieke muziek luistert, zal het verhaal toch kennen. Bijvoorbeeld uit de rockopera Jesus Christ Superstar (1971), met de evergreen I Don’t Know How To Love Him. Of uit Life Of Brian (1979), de komische film van het Britse collectief Monty Python. Hun Jezus hangt tussen andere gekruisigden op de berg Golgotha. Begint er doodleuk iemand te zingen:Always Look On The Bright Side Of Life. En allemaal kennen we The Passion, het tv-evenement met Judas, Jezus en dat grote, verlichte kruis, dit jaar in Terneuzen.
Intussen zit de hardcore klassieke sector zelf niet stil. De Nederlandse Bachvereniging, in 1921 speciaal opgericht voor de Matthäus, gooide in 1983 het roer om. Men stapte over op de instrumenten uit Bachs tijd, zoals barokhobo en viola da gamba. In lijn met Bachs oorspronkelijke idee kromp tegelijk het aantal koorzangers. Resultaat: een rankere, slankere Matthäus, met frisse, fruitige tempo’s.
En de nieuwste mode komt uit Parijs. Raphaël Pichon heet de dirigent die de Matthäus klaarstoomt voor een nieuwe generatie. Zijn geheim? Een verschroeiend muzikale concentratie en een licht theatrale toets. Kan niet anders of Jan Rot zou van die combinatie hebben genoten. “Jezus! Waar? Ze slaan hem lens!”