Livemuziek en het jarige Sena uitbundig gevierd
9 min leestijd
‘De kwaliteit en diversiteit van de Nederlandse livemuziek vieren’. Dat is al jaren het motto van de Gouden Notekraker. In een gezellig drukke Melkweg was er deze editie echter nóg een reden tot feest: Sena bestaat dertig jaar.
De erkenning van een jury is mooi, die van het publiek mogelijk nog mooier. Maar door je vakgenoten uitgeroepen worden tot degene met de meest bijzondere en invloedrijke liveshows, dat is zonder twijfel ook heel speciaal.
Het overkwam dit jaar DeWolff, een band met een niet te missen 70’s rocksound, gemixt met moderne invloeden. Zij werden dankzij de stemmen van Sena-aangeslotenen uitgeroepen tot de winnaar van de Gouden Notekraker 2023. Helaas konden de bandleden niet in de Amsterdamse Melkweg zijn om de prijs persoonlijk in ontvangst te nemen, maar daar was een slimme oplossing voor bedacht. Presentator en NPO Radio 2-dj Jan-Willem Roodbeen was naar Limburg afgereisd om de band niet alleen de prijs te overhandigen, maar ook om hen de kans te bieden te laten zien waarom ze die prijs dubbel en dwars verdienen. Met een knallende opgenomen performance leek het alsof ze de Melkweg zelf op z’n kop zetten.
Beste verjaardagscadeau
Zangeres Bente ging naar huis met de prijs voor veelbelovend talent, de Zilveren Notekraker. In drie minuten tijd wist ze met Zolang Dit Liedje Duurt direct na de winst de zaal vakkundig in te pakken. Ook niet-genomineerde artiesten gaven kleur aan de avond, waaronder trio My Baby, soulzanger Steffen Morrison en het pas 20-jarige zangtalent Jaïnda Buiter.
Allemaal mensen die gewend zijn om vol in de spotlights te staan. Maar dat geldt niet voor de bij het grote publiek onbekende, maar invloedrijke sessiemuzikanten die de grote namen begeleiden. Eén van die muzikanten kwam eerder dit jaar plots internationaal in de belangstelling te staan, toen rockband U2 ‘m vroeg om op de drumkruk plaats te nemen bij hun concertreeks in Las Vegas. Bram van den Berg drumde op dat moment nog bij Krezip, maar speelt nu dus (tijdelijk) in die ándere wereldband.
Een inspirerend verhaal voor elke sessiemuzikant, waar hij de Humble Heroes Award voor kreeg uitgereikt. Omdat hij zelf al in Las Vegas zat voor de repetities met U2, nam z’n Krezip-bandgenoot Jacqueline Govaert de prijs trots in ontvangst. En ze kondigde al meteen aan: Krezip zou zéker naar Las Vegas vliegen om ‘hun’ Bram in actie te zien.
Alsof die prijzenregen nog niet genoeg was, werd tijdens de avond ook stilgestaan bij de verjaardag van Sena. De trouwe sponsor van de Gouden Notekraker blaast dit jaar dertig kaarsjes uit. Sena kreeg het beste cadeau dat het zich kon wensen: een avond waarin de muziek uitbundig gevierd werd.
Markus Bos (ceo) over dertig jaar Sena
Tijdens de uitreiking van de Gouden Notekraker werd er regelmatig aan gerefereerd: Sena, voluit de Stichting ter Exploitatie van Naburige Rechten, bestaat dit jaar precies dertig jaar. 12,5 jaar daarvan staat ceo Markus Bos al aan het roer van de organisatie. Reden genoeg om hem een paar vragen te stellen over de afgelopen decennia én de toekomst.
Hoe kijk je terug op de afgelopen dertig jaar?
“De geschiedenis van Sena is eigenlijk op te delen in drie fases. De eerste fase was van 1993 tot 2010. Dat was de prille jeugd van Sena, waarin we ongelooflijk hard gegroeid zijn. Sinds 2010 zaten we in de puberleeftijd, en toen dreigde Sena enigszins te ontsporen. Sena was toen te agressief de markt aan het bewerken, waardoor er uiteindelijk tientallen miljoenen afgeboekt moesten worden en het inhoudingspercentage een aantal jaren van 11% naar 16% moest worden verhoogd. Tussen 2010 en 2020 hebben we heel veel zaken geprofessionaliseerd en heeft de groei doorgezet. Er zijn toen veel dingen opgepakt, zoals de joint venture met Buma/Stemra: SCAN. Daar waren we de eerste mee ter wereld. En ook doorbetalingen aan rechthebbenden gedurende het jaar, de zogeheten turborepartitie, en de ontwikkeling van een app voor onze rechthebbenden en onze buitendienst. In 2020 is er veel veranderd, enerzijds door de coronapandemie, maar ook door de arresten van het Europese Hof: RAAP/PPI en Atresmedia. Die luidden een derde periode in, met forse uitdagingen, waar we nu middenin zitten. Die uitspraken van het Hof hebben zo’n impact op het functioneren van Sena, dat is ongekend.”
Je noemt ook de coronapandemie: merkt Sena nog steeds iets van de nasleep daarvan?
“Dat valt tot nu toe mee, want het aantal faillissementen van ondernemers is tot nu toe historisch laag. Maar de Belastingdienst is nu achterstallige betalingen uit de coronatijd aan het innen bij ondernemers, wat alsnog kan leiden tot faillissementen. Dat kunnen we bij Sena ook gaan merken aan een afnemend aantal licenties, dus daar zijn we heel alert op.”
Waar ben je vooral trots op?
“We hebben ons genesteld in de kopgroep van naburigerechtenorganisaties. We behoren tot de top vijf van Europa en zijn zelfs de nummer zes in de wereld. Maar het is natuurlijk de kunst om die positie vast te houden. Daarnaast is onze governance-structuur iets waar ik trots op ben. Bij mijn weten waren we de eerste Nederlandse collectievebeheersorganisatie die een Raad van Toezicht-model heeft ingevoerd. Dat model laat zien dat de rechthebbenden het bij ons echt voor het zeggen hebben.”
Sena speelt geen rol bij inkomsten uit streaming. Hoe belangrijk is de organisatie anno 2023 nog?
“Ik denk dat voor zowel platenmaatschappijen als muzikanten de inkomstenstroom van Sena nog steeds onmisbaar is. Ik durf de stelling wel aan dat als Sena-inkomsten weg zouden vallen, een hoop platenmaatschappijen niet meer winstgevend zouden zijn. Er is nu een brede discussie gaande over de inkomstenstroom vanuit streaming voor uitvoerenden. Daar is een principieel verschil van mening over tussen producenten en uitvoerenden. Als Sena blijven we buiten die discussie. Maar we zijn blij dat de muziekindustrie, en ook de Sena-inkomsten, jaarlijks groeien. In 2010 zat Sena onder de 50 miljoen euro per jaar aan Nederlandse inkomsten; dit jaar verwachten we op ongeveer 80 miljoen uit te komen.”
Hoe ziet Sena er over dertig jaar uit?
“Ik denk dat Sena dan in deze vorm niet meer bestaat. Ik hoop dat er dan binnen Europa nog maar een paar organisaties zijn zoals Sena, waarin de digitalisering nog veel verder is doorgevoerd en klanten betalen naar rato van de hoeveelheid muziek die ze gebruiken. Net zoals je nu al betaalt voor hoeveel energie en water je gebruikt. Als we precies weten welk repertoire op welke plek is afgespeeld, kunnen rechthebbenden bijna real-time betaald worden.”